Geschiedschrijving is een ambacht

Mijn naam is Jonn (doopnaam: Johan) van Zuthem en ik ben gepromoveerd historicus. De laatste jaren ben ik vooral als freelancer actief op het terrein van de regionale geschiedenis. Momenteel werk ik aan een boek over het sociaal-maatschappelijk leven in de negentiende- en twintigste-eeuwse stad Kampen. Die studie heeft de titel Repeterende patronen gekregen (zie www.repeterendepatronen.nl).

eerder werk

Na mijn promotie in 2001 op 'Heelen en halven' Orthodox-protestantse voormannen en het 'politiek' antipapisme in de periode 1872-1925 ben ik mij meer en meer gaan toeleggen op de regionale geschiedschrijving.

Zo heb ik in het derde deel van de Geschiedenis van Groningen (2009) de hoofdstukken 'Een nieuwe provincie 1815-1848' en 'Een samenleving met schakeringen' mogen schrijven.

Op vrijdag 28 september 2012 is tijdens het minisymposium ‘Kerk en theologie in een links gewest’ in de Groningse vestiging van de PThU mijn langverwachte boek Harde grond. Kerkelijke verhoudingen in Groningen, 1813-1945 gepresenteerd.

Op zaterdag 13 september 2014 werd in Arnhem in het Huis der Provincie Van pottenkijker tot boegbeeld  ten doop gehouden. Dit boek over de Commissarissen van de Koning(in) die de afgelopen 200 jaar in provincie Gelderland de scepter zwaaiden, schreef ik samen met Bob Roelofs, griffier van de Gelderse Provinciale Staten.

recent onderzoek

Ik heb een aantal blogs en Facebook-pagina's waar ik geregeld berichten op plaats. Momenteel is het blog over de lotgevallen van de Van Zuthems en aanverwante families in de stad Kampen dat ik samen met neef Johan Ekkel onderhoud het bekijken meer dan waard. 

Samen met diezelfde Johan Ekkel werk ik momenteel aan een boek over de Oud & Nieuw-viering in de gemeente Kampen. 

In de jaren zeventig van de twintigste eeuw was Kampen in de Oudejaarsnacht het toneel van hevige onlusten. Het Overijsselse provinciestadje werd op Nieuwjaarsdag in die jaren in de nieuwsberichten steevast genoemd in de rij van steden – met name Den Haag en Amsterdam – waar het in de voorafgaande Oudejaarsnacht onrustig was geweest. 

In de politierapporten werd in dat kader zelfs geschreven over de 'Nacht van Kampen'. Het Kamper politiekorps moest ondersteund worden door tientallen collega's uit onder meer Zwolle, Deventer en Enschede. Menig Kampenaar van boven de vijftig jaar kan zich de veldslagen tussen de raddraaiers en meelopers en de politie nog levendig herinneren. Sommigen gaan er nog altijd prat op zelf in de voorste linie te hebben 'meegestreden'.... 

In weekblad De Brug hebben we eind 2018 de eerste bevindingen van ons (archief)onderzoek naar de Oudejaarsvieringen in Kampen weergegeven. Uiteindelijk zullen de onderzoeksresultaten worden beschreven in een rijk geïllustreerd boekwerk. Daarin zal onder meer aan de orde komen wanneer de traditie van het melkbusscheten is ontstaan, hoe zich deze verder heeft ontwikkeld en hoe het kwam dat de Oudejaarsvieringen in Kampen zo lange tijd gepaard gingen met ernstige verstoringen van de openbare orde. Tevens zullen we de huidige stand van zaken beschrijven en een blik in de toekomst werpen.




 nieuwe projecten






De komende twee jaar werk ik mee aan het Boekproject Verhaal van Gelderland.  

https://erfgoedgelderland.nl/nieuws/boekproject-verhaal-van-gelderland-van-start/ 

Ik ga de beschrijving van de negentiende eeuw voor mijn rekening nemen.

En inmiddels ook een eerste blog geschreven:

https://erfgoedgelderland.nl/nieuws/blog-wat-maakt-de-veluwe-eigenlijk-zo-typisch-veluws-door-john-van-zuthem/


Een Kamper project:

Tappers, logementhouders en andere drank vergunningshouders in de stad Kampen in de decennia rond 1900

Rond 1880 kende de stad Kampen ruim 50 kroegen. Met een inwonertal van 18.000 inwoners, betekende dat één kroeg op de 360 inwoners. Vrouwen en kinderen niet meegerekend, was dat minstens één kroeg op de 200 mannen. Daarnaast waren er nog 30 andere horecagelegenheden waar alcohol geschonken mocht worden. Wat waren dat voor lieden die als tapper, hotelier of winkelier de kost verdienden? In een prosopografische schets ga ik deze beroepsgroep in kaart brengen. Uit welke sociaaleconomische lagen van de bevolking kwamen zij? Wat was hun kerkelijke achtergrond? Was het gros van de kroegeigenaren zoals van orthodox-protestantse zijde werd geopperd inderdaad 'rooms'? 

Vanaf de eeuwwisseling nam het aantal kroegen in Kampen gestaag af. De drankbestrijding neemt namelijk vanaf die tijd serieuze vormen aan en ook in de Kamper gemeenteraad worden steeds meer orthodox-protestantse broeders gekozen die het weinig godvruchtige gedrag van de kroeglopers een doorn in het oog is. Rond 1918 is de christelijke machtsovername in Kampen een feit, de confessionelen legden in toenemende mate hun normen op wat betreft de eerbiediging van de zondagsrust en de handhaving van de openbare zedelijkheid. Welke etablissementen verdwenen er en welke behielden hun vergunning?


En nog een Kamper project: De Brand van Grafhorst, 1849

Zaterdag 5 mei 1849 legde een grote brand het Overijsselse dorp Grafhorst nagenoeg compleet in de as. Bijna 60 woningen gingen verloren en ruim 300 inwoners werden dakloos. Slechts een deel van de woningen was tegen brandschade verzekerd. De overwegend agrarische bevolking had het al niet breed, door de brand dreigde zij tot de bedelstaf te worden veroordeeld.

Reeds de volgende dag werd er door ds. H. Rietveld Creijghton, hervormd predikant van IJsselmuiden en Grafhorst, de burgemeesters C.H.A. Engelenberg, J. D. van Hasselt en Jhr. mr. H.A. Wttewaal van Stoetwegen van respectievelijk de gemeenten IJsselmuiden en Grafhorst, Kamperveen en de stad Kampen een (hoofd)commissie gevormd met als doel 'om zich de belangen aantetrekken' van de Grafhorster bevolking 'en zoo veel doenlijk is den ramp te helpen leningen'. Ook de Kamper fabrikant Willem Hendrik Warnsinck Jansz. - een neef van de gelijknamige Amsterdamse dichter Warnsinck, die bevriend was met de nationalistische dichter Hendrik Tollens - nam zitting in deze werkgroep.

In het Kamper Stadsarchief bevindt zich een bijna twee vuisten dikke map met archiefbescheiden (archief 00340, inv.nr. 00327) van de hulp aan de getroffenen van de brand van Grafhorst. Naast notulen, al mogelijke correspondentie en overzichten van alle in- en uitgaven, bevat de map ook een gedrukte Lijst van voorwerpen voor de verloting ten behoeve der noodlijdenden door den brand te Grafhorst en een compleet overzicht van alle Nederlanders die de 3361 loten hebben gekocht en wie daarvan de 1190 (!) prijzen (van schilderijen tot handwerkjes en boeken) hebben gewonnen.

Ik ga een prosopografische schets willen maken van de betrokken 'weldoeners'. De hulpactie was allesbehalve een plaatselijke of regionale zaak, integendeel, elders in Nederland werden speciale 'sub-commissies' gevormd die in hun woonplaats de inzameling van giften en dergelijke voor Grafhorst gingen coördineren. Ook hier komen we tal van interessante namen en dito familiaire, kerkelijke en sociale verbanden en achtergronden tegen.